Mijn Klacht:
Op 20 augustus j.l. ontvingen wij een indringende brief van LAVG Gerechtsdeurwaarders met het verzoek binnen vijf dagen een bedrag van € 50,12 over te maken inzake een openstaande factuur van € 10,- voor het gebruik van een mobiele prepaidkaart van Tele2. Wij zijn echter geen klant van Tele2.
Een telefoontje naar de klantenservice leerde ons dat het hier een prepaidkaart betrof die in een ver verleden door de ex-man van mijn vriendin is aangeschaft op haar naam omdat hijzelf nergens enige vorm van krediet kon krijgen.
Na 15 jaar huwelijk zijn ze in 2011 gescheiden en uiteraard heeft zij in die turbulente periode geen moment meer aan die kaart gedacht. De man is de kaart blijven gebruiken en heeft deze in december 2014 voor het laatst opgewaardeerd. Tele2 heeft de factuur naar het bij hen bekende adres gestuurd echter is deze door die man of zijn bewindvoerder retour gestuurd omdat de tenaamstelling die van mijn vriendin was voor haar scheiding.
Iemand van de klantenservice en haar teamleider hebben geconstateerd dat het gekoppelde adres en rekeningnummer aan die man toebehoren en hebben dat op mail aan mij bevestigd. Waarmee Tele2 feitelijk erkent dat de situatie niet klopt.
Ondanks veel telefoontjes, een officiele klacht, een aangetekende brief aan het adres van Tele2 en de nodige bezwaren aan het adres van LAVG, blijft Tele2 vasthouden aan de tenaamstelling en blijven zij van mening dat zij juridisch in hun recht staan. Onze gegronde en uiterst menselijke argumenten ten spijt. Onlangs heb ik dit verhaal ook op social media gedeeld maar tot op heden geen reactie.
Inmiddels hebben wij een ronduit intimiderende brief ontvangen van LAVG waarin gedreigd wordt met kostbare gerechtelijke procedures en zijn wij tot betaling overgegaan. Het spreekt voor zich dat we dat onder protest hebben gedaan. Overigens en wellicht ten overvloede zijn wij nooit in de gelegenheid gesteld het oorspronkelijke factuurbedrag te voldoen.
Gewenste Oplossing:
Wij zouden graag zien dat Tele2 erkent niet helemaal juist gehandeld te hebben en in elk geval de bereidheid toont om alsnog tot een aanvaardbare oplossing te komen.
Het liefst zouden wij zien dat we geheel schadeloos gesteld worden maar met een compromis kunnen wij ook leven na ruim 3,5 maand van het kastje naar de muur te zijn gestuurd.


