Mijn Klacht:
Geachte heer/mevrouw,
Graag vraag ik uw aandacht voor het volgende:
Feiten
Vandaag was ik naar het LocHal gekomen voor een vergadering met mijn collega. Deze vergadering heeft geduurd van 13:00 uur tot 15:00 uur. Na afloop van de vergadering heb ik een vervelende situatie meegemaakt met een surveillant waarover ik een klacht wil indienen. Alvorens de klacht te uiten, zet ik de feitelijke situatie weer. Dit is de volgende:
Na afloop van mijn vergadering kreeg ik een dringend telefoongesprek terwijl ik aan het lopen was naar de uitgang.
Ik had een ruimte nodig om dit gesprek te voeren en dat maakte dat ik op zoek ben gegaan naar een rustige ruimte die niet ver van mij was.
Ik ben toen blijkbaar een ruimte ingelopen die bestemd is voor volwassenen met kinderen.
Daar heb ik gezeten op een rode bank die ligt in een hoek, om het gesprek te voeren.
Tussen mijn gesprek door kwam een surveillant van langer dan twee meter, middelbare leeftijd, boven de vijgtig jaar, met een (lees)bril op naar me toe en vroeg me de volgende vraag: “Heeft u kinderen?”
Daarop heb ik geantwoord met dat ik midden in een gesprek ben en eerst mijn gesprek moet beëindigen om een antwoord te geven op zijn vraag.
Ik heb de persoon waarmee ik in gesprek was, moeten meedelen dat een surveillant mij aansprak met een dringende toon, en dat ik daarom ons belangrijke gesprek moest beëindigen.
Daarna heb ik de surveillant het antwoord kunnen geven dat ik geen kinderen bij me heb en dat ik voor een dringend telefoongesprek ‘random’ een ruimte ben ingelopen om dit gesprek te voeren.
Hij reageerde daarop verder, met zijn strenge toon, met dat ik de ruimte moest verlaten. Anders zou hij de politie erbij halen.
Ik heb hem gevraagd waarom hij op een aanvallende manier op mij reageerde en waarom hij direct de politie erbij wilde halen en dat ik wel blijf wachten op tot de politie komt.
Hij gaf daar geen antwoord op en herhaalde dat ik weg moest en liep daarna weg.
Ik was enorm verbaasd van de agressieve wijze waarop deze surveillant niet overweg kon met een eenvoudige vraag als ‘wat het maakt dat u op een aanvallende manier reageert op mij?’
Daarna kwam hij terug met een collega die OOK mij dezelfde mededeling kwam vertellen dat ik weg moest.
Aan hem heb ik gevraagd of ik een gesprek met hem alleen mocht voeren, omdat ik zijn collega agressief vond en ik het niet fijn vond dat hij mij nog aansprak. Ik was immers door hem bedreigd met de politie.
Helaas was ook deze collega niet in staat om met mij een gesprek te voeren want hij antwoordde met dat hij dat gesprek niet kon voeren en dat hij erbij was gekomen omdat zijn collega hem had geroepen. Hij had het gesprek van collega aangehoord en ging niet in op mijn verzoek om mijn kant van het verhaal te horen. Hij kon mij alleen dezelfde mededeling doen dat ik de bibliotheek moest verlaten.
Ik heb daarop gereageerd met dat ik naar een ander deel van de bibliotheek zal lopen om tot rust te komen omdat ik onheus was behandeld. Ik voelde me angstig op dat moment Deze keer was dit gevoel niet door 1 medewerker aangewakkerd, maar door 2.
Ik ben toen naar een ander deel van de bibliotheek gelopen om daar te gaan zitten en tot rust te komen om deze klacht te typen.
Ik word nu tijdens het typen van dit bericht geobserveerd door de surveillanten.
Klacht
Ik wil een klacht indienen tegen de surveillant die mij vandaag onheus heeft behandeld. Ik wil deze klacht indienen omdat ik vandaag ben bedreigd met de politie en op een dreigende toon ben aangesproken om de bibliotheek te verlaten. Ik ben niet op een vriendelijke of open manier aangesproken door de surveillant. Ik heb hierdoor een onveilig gekregen. Ik voelde na afloop van de gebeurtenis de rillingen over mijn lichaam lopen, dit door de agressieve wijze waarop ik ben behandeld door de surveillant. Dit is overigens niet de eerste keer dat dit mij overkomt in uw bibliotheek. In het verleden is dit nog eens een keer voorgevallen met dezelfde surveillant. Ik vind dat hij deze keer aangesproken moet worden op zijn gedrag.
Ik ben jurist en ik maak dagelijks mensen mee. Ik ben in gesprek met allerlei mensen en andere beroepsprofessionals. De manier hoe ik vandaag ben behandeld door uw surveillant komt zelden voor. Ik ken in mijn omgeving mensen die kunnen communiceren op een normale manier, zonder dreigend te zijn, zonder op een dreigende manier te praten mij kunnen vertellen wat zij denken. Deze personen die ik in het dagelijkse leven meemaak, kunnen een vraag stellen op een wijze die uitnodigt om de ander te laten bewegen. Als deze surveillant op een vriendelijke, en geen agressieve, wijze met mij het gesprek was aangegaan dan had ik zijn vraag begrepen. Zo had hij kunnen zeggen: “Ik begrijp dat u door een dringend telefoongesprek in deze ruimte bent gaan zitten. Dat kan gebeuren. Deze ruimte is echter wel bedoeld voor volwassenen met kinderen. Zou u daarom uw telefoongesprek in een ander deel verder kunnen voeren?” Als ik op deze manier was benaderd dan had ik zeker gehandeld naar zijn verzoek.
Maar de manier waarop hij heeft gehandeld, gaf de boodschap: “Je bent niet welkom in deze OPENBARE bibliotheek. Je moet hier weg. Direct. Ik luister niet naar de reden waarom je hier zit. Ik wil gewoon dat je weggaat. Ik kan dit maken, want ik ben de surveillant. Dat recht heb ik gekregen vanuit mijn functie. Jij bent niet welkom, dus ga weg!”
Ik ben erg verdrietig hierom. Ik wil dat er op een serieuze manier met mijn klacht wordt omgegaan. Ook nu nog, tijdens het typen van dit bericht, observeert de surveillant mij vanuit de verte. Dit geeft mij een onveilig gevoel. Hoe zou u uzelf voelen als u niet wordt gehoord en op een dreigende wijze wordt benaderd om de OPENBARE bibliotheek te verlaten, om vervolgens daarna te worden geobserveerd vanuit de verte. Ik vraag me af of deze surveillant geen andere taken heeft om uit te voeren op dit moment in plaats van mij te observeren en te zien als een bedreiging. Ik voel me hierdoor nog meer bedreigd door dit gedrag. Ik moet nu vrienden vragen om naar de bibliotheek te komen om met mij naar buiten te lopen.
In deze bibliotheek organiseerde ik verschillende vergaderingen met mijn collega’s. Nu heb ik een onveilig gevoel om hiernaartoe terug te komen. Dit zal ik ook met mijn collega’s moeten delen waarom dit zo is. Door de behandeling van uw collega.
Ik wil met een veilig gevoel weer in de openbare bibliotheek kunnen zitten en bewegen en ik wil daarom dat u mijn klacht serieus neemt. Nogmaals anders hoor ik dit elders te uiten op andere kanalen want ik wil niet dat dit nog een keer voorvalt, ook niet voor een andere persoon. Het lijkt mij niet leuk om zo’n herinnering over te houden aan een bezoek aan de bibliotheek.
Ik sta open voor een gesprek met u en uw surveillant als hij beseft dat hij een klant niet op een onvriendelijke en bedreigende manier hoort te behandelen.
In afwachting van uw reactie,
Gewenste Oplossing:
Geen

